Overdruk in klare lijnen

Vrijelijk gemodelleerd naar het weekblad The New Yorker bezoekt The French Dispatch, de tiende film van Wes Anderson, een redactie Amerikaanse expatjournalisten in het Franse dorpje Ennui-sur-Blasé. Schampere satire en vrolijke luchtigheid vormen de onderstroom voor wat inmiddels bekendstaat als de esthetische signatuur van Anderson, een neurotisch formalisme gekleurd door dwangmatige nostalgie.

02.11.2021 | Inge Coolsaet

Op verschillende manieren is The French Dispatch een omnibusfilm. Hij volgt de structuur van het fictieve tijdschrift uit de titel: drie essays, een reisverslag van een fietstocht door Ennui en een doodsbericht voor de overleden hoofdredacteur. De film is ook een bonte verzameling knipoogjes naar een rijk arsenaal inspirators die Andersons universum mee vormgaven. Van Jacques Tati over Belgische strips als Blake & Mortimer tot Franse popmuziek van de jaren zestig die uit de luidsprekers van de lokale bistro klinkt. Met ook nog eens een bijeengesprokkelde sterrencast heb je een waar kleurenfestival, een spectaculair vuurwerk. The French Dispatch is een ultieme uitspatting.

Het is snel en het is veel. Andersons vignetten werken als de meldingen van een rusteloze app. Vooraleer je je goed en wel kan onderdompelen in de sfeer die de filmmaker zo zorgvuldig opbouwt, beland je alweer in het volgende hoofdstuk. De complexiteit van de gevoelens die aan de basis liggen van het merendeel van zijn films – nostalgie en verwondering – wordt daardoor volledig platgewalst. Wat overblijft is een cliché, in beide interpretaties van het woord. Perfect symmetrische, erg kleurrijke maar eendimensionale kiekjes van gestolde momenten.

Anderson zou zelf ongetwijfeld rusteloos worden van de vergelijking, maar dat immer vrolijk doorjagen van een overdadige vracht aan informatie doet denken aan Mark Zuckerbergs recente presentatie van de Metaverse. Ook die springt van de hak op de tak. Van een informele vergadering laat Zuckerberg zich wegleiden naar een videocall over 3D-graffiti, die hij dan weer verlaat voor beelden van een hyperactieve hond. Je kan niet eens “hoe schattig” uitspreken of je zit al in een nieuwe omgeving waarin vliegende vissen je blik meteen naar elders sturen. Metaverse goochelt dan wel met verschillende dimensies, het is een heel strak georkestreerd en angstvallig gecontroleerd spektakel dat alleen een totale vervlakking van emoties oplevert. Om iets te voelen heb je tijd nodig, en die is er niet. Ping!

Door al zijn bombast voelt The French Dispatch soms aan als de finale kers op de taart, alsof de francofiele pseudo-excentriekeling in Anderson zijn obsessies een laatste keer en met extra enthousiasme de vrije loop laat. Het zal hem worst wezen dat sommige critici het allemaal wat te veel vinden. Après moi le déluge. Datzelfde uitgelaten je-m’en-foutisme zorgt echter voor een flagrant, haast methodisch uithollen van het radicaal politieke verleden van de onderwerpen die hij zelf kiest uit te lichten. Mei ’68 wordt in het essay Revisions to a Manifesto gereduceerd tot een triviaal liefdesdispuut van een verwende, naïeve schaakspeler. Pijnlijker misschien is de gratuite passage van James Baldwin in The Private Dining Room of the Police Commissioner. Met foulard op de set van een tv-studio verwordt Baldwin tot een homoseksuele culinair journalist met een uitzonderlijk geheugen die een doldwaas ontvoeringsverhaal woord voor woord navertelt. The New Yorker publiceerde in 1962 inderdaad Baldwins beroemde essay The Fire Next Time, verspreid over twee edities. Het eerste deel kreeg toen Letter from a Region of My Mind als titel. Opnieuw een knipoog, maar bezwaarlijk een eerbetoon.

De personages in The French Dispatch zijn stuk voor stuk kunstenaars die voor hun kunst roekeloos het gevaar in de ogen kijken. Anderson zelf daarentegen kiest voor het comfort van een beproefd recept en schept er nog pollepel bij. Tussen Godard en Truffaut kiest Anderson resoluut voor het speelse van Truffaut. Tussen Rossellini en Fellini kiest hij resoluut voor de fantasie van Fellini. Het pad dat de Texaanse filmmaker voor zichzelf uitstippelde is sinds Bottle Rocket in 1996 heel duidelijk. Het zou wegleiden van het juk van de werkelijkheid en de toeschouwer meevoeren. Een mooi geconstrueerd verhaal in een gefantaseerde wereld die volledig tot onze beschikking staat. Dat is in The French Dispatch niet anders. Maar hoeveel afdrukken kan je maken vooraleer de inkt op is?

REGIE Wes Anderson
SCENARIO Wes Anderson
FOTOGRAFIE Robert D. Yeoman
MONTAGE Andrew Weisblum
MUZIEK Alexandre Desplat
MET Benicio Del Toro, Tilda Swinton, Timothée Chalamet
PRODUCTIELAND VS
JAARTAL 2021
LENGTE 108 min
DISTRIBUTIE Disney
RELEASE 27 oktober 2021 (België), 21 oktober 2021 (Nederland)

gerelateerde artikelen
 

Hoe fun(est) is De Funès?

De eerste tentoonstelling die de Brusselse bioscoop Palace presenteert, is er een die in Frankrijk stofwolkjes deed opwaaien. Tussen films, foto’s, kostuums en de deux-chevaux uit Le corniaud (1965) verschijnen trendy tributen aan Louis de Funès, dé driftkop van de Franse komedie.

Zwijgen en zingen!

De musical Annette van Leos Carax doet schrijver Michaël Van Remoortere verwijlen bij het gevaar van fictie in haar langdurige pas de deux met de realiteit.

 
 

Briefwisseling:
Film Fest Gent II

Tijdens Film Fest Gent ontvangt Fantômas briefpost vanuit de filmzaal en wandelgangen. Met een vers gedrukt printnummer onder de arm lezen en kijken we mee.

Ledoux, gepassioneerd archivaris

Op de honderdste geboortedag van Jacques Ledoux brengt het Belgische filmarchief CINEMATEK een ode aan hun oerconservator. Hoog tijd voor een terugblik op de verzameldrift die de basis legde voor een van ’s werelds belangrijkste filmarchieven.

 
 

Niet voelen, maar handelen

In François Ozons familiedrama Tout s’est bien passé worden de rollen omgekeerd. Dochter Emmanuèle wijdt haar leven volledig aan haar vaders laatste wens: de wens om te sterven. Ozon belicht niet de emotionele maar de praktische kant van dit proces, want – zo staat Willem Elschot hem bij – “tussen droom en daad staan praktische bezwaren”.